DB

Een kleine geschiedenis

Vanaf 1975 geeft de DHK een jaarboek uit (Doopsgezinde Bijdragen). In 1861 kwam het eerste nummer van de Doopsgezinde Bijdragen (oude reeks) uit. Dit jaarboek verscheen echter in 1919 voor het laatst, maar is tot op de dag van vandaag van belang bij het historisch onderzoek. Meer…

Over DB 2005

DB 2005 Het nieuwste nummer van de Doopsgezinde Bijdragen bevat een gevarieerde inhoud. Ruud Lambours geeft aandacht aan de poging van de doopsgezinde arts en predikant Galenus Abrahamsz (1622-1706) om op alchemistische wijze goud te maken. Hij betoogt dat de mystiek-chiliastische motieven bij Galenus Abrahamsz ook een rol speelde bij zijn zoektocht naar het Eureka en de netwerken waarbinnen hij actief was. Het driehonderdste sterfjaar van Galenus Abrahamsz komt verder tot uiting in de iconografie van de doopsgezinde voorman met onbekende portretten, zoals dat van Joanna Koerten (1650-1715), een indertijd bekende knipselkunstenares.

Keith L. Sprunger schrijft een artikel over de doopsgezinde leraar en uitgever Frans Houttuyn (ca. 1719-1765) dat eerder in de Mennonite Quaerly Review verscheen. Houttuyn wordt opgevoerd als exemplarisch voor de bijdrage van de doopsgezinden aan de achttiende eeuwse Verlichting. Samen met zijn doopsgezinde collega Van Tongerlo gaf Houttuyn onder meer het spectatortijdschrift De Denker uit, vooral volgeschreven door dr Cornelis van Engelen.

De emeritus hoogleraar sterrenkunde A. Blaauw schreef een opstel over de Waterlandse doopsgezinde schilder Abraham de Verwer (ca. 1585-1650), waarin hij onder meer het raadsel van de Kapucijner monniken probeert op te lossen. Willem Stuve komt opnieuw met een diepgravende detailstudie, nu over de huiskoperstwist onder de zestiende eeuwse mennonieten. Hij laat zien dat er bij deze twist meer aan de hand was dan een simpele ruzie om een huis.

Ook de twintigste eeuw komt ruimschoots aan bod met artikelen over Pieter de Clerq, André du Croix en Frits Kuiper. Met een bijdrage over David Joris - hier zelfs opgevoerd als een radicale piëtistische heilige – bestrijkt dit nummer een periode van ongeveer 450 jaar.

[bron: VNKonline: 1 maart 2006]