Amersfoort, 9 november 1974
Verslag van de tweede ledenbijeenkomst

Deze bijeenkomst werd gehouden in de Doopsgezinde kerk te Amersfoort. Aanwezig waren 57 (van de 166) leden en drie gasten.
In zijn openingswoord zei de voorzitter, S.L. Verheus, te hopen dat de eerste uitgave van de D.H.K. duidelijk zou maken dat 'wij ons niet opstellen als een groepje maniakale vorsers, die elke steen van Menno's erf willen tellen zonder zich te bekommeren om wat er in het heden aan de hand is. Wij hopen door onze wijze van werken een behoorlijke bijdrage te leveren aan het slagen van wat er in 1975 in de internationale doopsgezinde wereld gebeurt; wij verwachten dat die banden ons iets waard zijn en dat een en ander ons te denken zal geven over de betekenis van gemeente en geloof op de plaats waar wij gesteld zijn.' Tenslotte besteedde de voorzitter nog enige aandacht aan het verschijnen van Doperse Stemmen deel 1 : "Broederlijke Vereniging", dat in een oplage van 1000 exemplaren is gedrukt. Woorden van dank werden gericht aan de verschillende medewerkers, terwijl vormgeving en druk werden geprezen.
Daarna werden concept-Statuten en concept-Huishoudelijk Reglement in bespreking gegeven. Enkele wijzigingen werden aangebracht. De definitieve tekst zal op de volgende ledenbijeenkomst worden vastgesteld.
De contributie voor 1975 werd wederom op f 15,— bepaald; met de mogelijkheid voor financieel zwakken te volstaan met f 7,50. Donatie f 40,— per jaar.
W.H. Kuipers, uit Grouw, leidde het inhoudelijk onderwerp in: 'De betekenis van de "Broederlijke Vereniging" '. Het gaat in dit document om de structuur van de gemeente. Bij de interpretatie zijn drie accentverschillen te constateren:
a) de gebruikelijke Amerikaanse opvatting waarin de Broederlijke Vereniging wordt gezien als een belijdenis;
b) de opvatting van o.a. Kühler en Meihuizen, waarin de nadruk wordt gelegd op de beperking voor het individu, die uit de B.V. zou voortvloeien;
c) de meest recente interpretatie is die van John Howard Yoder: de Broederlijke Vereniging is de neerslag van het gesprek der gelovigen over de vraag: 'Wat is de gemeente?' De gemeente wordt gevormd door de tot geloof gekomen individuen. Dezen houden elkaar vast ('Wir sind vereinigt worden' — 'Wij zijn het eens geworden') op die punten, waarover ze overeenstemming hebben bereikt, en blijven met elkaar in gesprek over de punten, waar nog geen eenstemmigheid is gevonden. Zo wordt, door met elkaar in gesprek te blijven, de verantwoordelijkheid voor elkaar duidelijk. Het individu wordt 'vastgelegd' omwille van de gemeente.
In zeven groepen werd hierna gesproken aan de hand van 'Enkele punten voor een gesprek over de "Broederlijke Vereniging"' van J.A. Oosterbaan en 'Zeven stellingen bij de zeven artikelen van de "Broederlijke Vereniging" ' van H.B. Kossen, waarin zij de hoofdpunten van hun respectieve artikel in Doperse Stemmen 1 hadden weergegeven.
Na berichtgeving van de belangrijkste punten uit de verschillende groepen werd nog enige tijd plenair gediscussieerd.
Tenslotte werd nog gewezen op de noodzaak het ledental in de buurt van de 500 te brengen, waarna de voorzitter de vergadering sloot.

Dirk Visser, secretaris

[in: Doopsgezinde Bijdragen nieuwe reeks nummer 1 (1975) p. 123-124]