Deventer 1 juni 2002
Voorjaarsledenbijeenkomst

Dit jaar werd de ledenbijeenkomst van de DHK gehouden in Deventer.
Het was een bijzondere dag... en dat was het.
Deze dag was gewijd aan Joost Hiddes Halbertsma, aan bestuurswisseling,
aan de presentatie van de Registers op de Doopsgezinde Bijdragen, aan Een leven
vol gevaar, en tenslotte aan een stadswandeling door doopsgezind Deventer.

De stad was zonovergoten en vol leven van de vele kermisattracties.
Binnen, in de doperse vermaning aan de Brink, hingen afdrukken van verschillende portretten van Joost Hiddes Halbertsma en van pagina's uit diens bibliografie. Die pagina's deden denken aan het Pak van Sjaalman uit de Max Havelaar, geen onderwerp of Joost Hiddes had erover geschreven.

Eerst kwam de bestuursmededeling dat de leden een voorstel voor nieuwe statuten tegemoet kunnen zien en het akkoord van de aanwezigen dat Piet Visser
een nieuwe bestuurstermijn aanvaardt en Marieke Lont in het bestuur wordt opgenomen.
De voorzitter zelf stelde zijn functie na acht jaar trouwe dienst beschikbaar.
Bonny Rademaker-Helfferich wilde hem wel opvolgen. Daarmee blijft die plaats tenminste in Deventer handen!

Piet Visser, voorzitter van de redactie van de Doopsgezinde Bijdragen en medebestuurslid van de DHK, nam even de leiding over. Hij herdacht het overlijden van de voor de DHK zo waardevolle Samme Zijlstra: veertien artikelen in de Doopsgezinde Bijdragen, enkele jaren eindredacteur, en de auteur onder andere van Om de ware gemeente en de oude gronden; De geschiedenis van de dopersen in de Nederlanden 1531-1675, het nieuwe standaardwerk over de vroege periode van onze geschiedenis. Van Samme werd nog veel verwacht... het is echter anders gegaan. Wij hielden een minuut stilte, waarin met weemoed aan hem kon worden gedacht.

Hierna werd op onnavolgbare wijze - Piet Visser eigen - Piet Tillema bedankt voor diens bijdrage aan het welzijn van de kring en werd diens carrière gememoreerd, die liep van de excursie naar Vlaanderen tot het bezoek aan Munster.

Piet Visser viel ook de eer te beurt het enige exemplaar van de Registers dat aanwezig
was aan de samensteller te overhandigen. Er was om praktische redenen van afgezien
ter plekke aan de DHK-leden hun exemplaar uit te reiken; het wordt hen thuis bezorgd door de post (TPG). Enkele jaren geleden konden wij al van Bonny vernemen welke haken en ogen er aan het maken van Registers zijn verbonden. Dat dwong respect af en deed ons begrijpen dat het een paar jaar werk was om iets dergelijks voor elkaar te krijgen.

Overladen met geschenken en geschenkjes konden deze twee Deventenaren
gaan zitten en kreeg eindelijk Annelies Vugts-Verbeek de gelegenheid haar lang verbeide voordracht over de grote Deventenaar Joost Hiddes Halbertsma uit te spreken. Jammer dat wij op haar dissertatie moeten wachten voor wij de tekst nog eens kunnen nalezen. Het caleidoscopisch overzicht dat naar voren werd gebracht van deze gecompliceerde geest, doet ons naar die dissertatie uitzien.
Uit dank voor haar bijdrage mocht Annelies een bronzen buste van Halbertsma  onthullen, geschonken door een fonds aan de Doopsgezinde Gemeente in Deventer.

Nog was het einde niet van de Halbertsma-viering. Het gelegenheidskoortje van Bonny Rademaker (zang en pianobegeleiding), Sjouke Voolstra en Piet Visser zong vervolgens drie liederen van Halbertsma, de dichter: Fryslein, Sibbel fen é Rijk en Nacht.

Na de lunch volgde de stadswandeling onder leiding van vakbekwame gidsen uit eigen kring (Gerrit Witteveen, Bonny en Harry Rademaker) en één der stadsgidsen van Het Gilde Deventer. Iedere gids was voorzien van een wit vaantje om zijn of haar kudde bijeen te kunnen houden. Degenen die de stad en haar wederwaardigheden liever vanuit een stoel wilden volgen, bleven in de vermaning om een diaserie te zien die de stadswandeling langs doperse plekken op de voet volgde.

Als slotlied werd lied 421 gezongen, geschreven door de Deventenaar Jacobus Revius (1586-1658). Mocht de dag dan al zonnig en stichtend zijn geweest, de meeste bewondering wekten toch wel die deelnemers die 's ochtends om half zeven uit de veren waren gekomen en na een bus en treinreis (met overstap) op tijd aanwezig waren.
Dat is nog eens enthousiasme aan de dag leggen!

Piet Tillema

[in: Doopsgezinde Bijdragen nieuwe reeks nummer 28 (2002) pp. 281-282]