Amsterdam, Seminarie 26 februari 2011
200 jaar ADS ; 'finest hour' van de doopsgezinden
Congres/Voorjaarsbijeenkomst 2011

In 2011 is het 200 jaar geleden dat de ADS werd opgericht. Het seminarie raakte in de negentiende eeuw op stoom en talloze zaken in Doopsgezind Nederland leken voorspoediger dan ooit te gaan.

Zie hier de uitnodiging met toelichting op het congresprogramma

Hieronder het verslag
Onze voorjaarsbijeenkomst 2011 was het Jubileumcongres van de Doopsgezinde Historische Kring samen met het Doopsgezind Seminarium op 26 februari in de Singelkerk van Amsterdam en had als onderwerp: 'The finest hour' van de doopsgezinden: de negentiende eeuw. Tweehonderd jaar geleden, in 1811, werd wegens het Franse fiscale fiasco te Amsterdam de Algemene Doopsgezinde Sociëteit opgericht, waarmee het voortbestaan van het Doopsgezind Seminarium was gered. Honderd jaar later, in 1911, verwierf Anne Zernike het proponentschap aan dat 'geëmancipeerde' Seminarium. Beroepen in Bovenknijpe werd zij de eerste vrouwelijke predikant van Nederland. In de tussenliggende honderd jaar beleefde doopsgezind Nederland zijn tweede gouden eeuw. Steeds krachtiger liet het beschaafde vrijgevochten burgervolk van Menno (dat definitief de laatste orthodoxe trekken kwijtraakte) zijn minderheidsstem horen in het kersverse Koninkrijk der Nederlanden.
De schuilkerken werden verlaten, de ene na de andere waterstaatkerk verrees, terwijl de in luisterrijke lommertuinen aangelegde plattelandspastorieën de villawelstand der alom bejubelde vrijzinnigheid uitstraalden. Doopsgezinden telden ook mee in cultuur, politiek en wetenschap. Zonder zichzelf te veel op de borst te slaan, deelden nut en nijverheid van stad en platteland in de zegeningen van de doopsgezinde deugdzaamheid. Waar hervormd Nederland hevig verbrokkelde in Afscheiding en Doleantie, telde het ooit versplinterde doperdom onverdeeld zijn zegeningen. De broederschap groeide van 27.000 leden rond 1800 naar minstens 35.000 een eeuw later. Maar was het echt alles goud dat er blonk? In vijf lezingen werden gloed en glans van de doperse negentiende eeuw naar schitter en klater gedetermineerd: prof. dr. Piet Visser sprak over 'dopen doet hopen: doopsgezind Nederland in de negentiende eeuw'; prof. dr. Yme Kuiper sprak over 'boeken en kinderen: de wereld van het doopsgezinde echtpaar Freerk & Eva Fontein uit Harlingen'; dr. Alpita de Jong over 'Joost Hiddes Halbertsma en het "doopsgezind boeddhisme"; dr. Pieter Post: 'In de wereld maar niet van de wereld? Vriend en vijand in negentiende-eeuwse liedteksten'; prof. dr. Mirjam de Baar over: 'vooruitgang, vrijzinnigheid en het vrouwenvraagstuk'.

De dag werd afgesloten met de doperse classics uit de negentiende eeuw door de Heren Vocaal onder leiding van Jan Marten de Vries en een bezoek aan de fraaie jubileumtentoonstelling, die bij Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam (UvA) eerder die week was geopend onder de titel: Gedoopt. Vijf eeuwen doopsgezinden in Nederland.
Maar liefst 175 deelnemers participeerden.

Elma Schlecht, secretaris
[uit Doopsgezinde Bijdragen nieuwe reeks nummer 38 blz.389-390 ]