1. Algemene richtlijnen

a. omvang en ‘format’
Het artikel dient uit maximaal 6000 woorden te bestaan, inclusief notenapparaat en bijschriften van illustraties.

b1. illustraties: aanlevercondities
U dient zelf zorg te dragen voor ca. 3 voor de inhoud relevante illustraties (zwart-wit foto’s, dan wel gescande opnamen in jpg- of dpf-bestand, apart digitaal aan te leveren en/of op cd-rom) en deze te voorzien van korte bijschriften. De meest wenselijke plaats van de illustraties dient in de hoofdtekst van het artikel duidelijk gemarkeerd te worden met de aanduiding in vet: [AFB. 1], etc., gevolgd door de tekst van het bijschrift (10 pts. letter), met erboven en eronder één witregel. Voorts dienen zekerheidshalve de bijschriften tevens in een apart bestandje te worden aangeleverd. Bij ontstentenis van illustraties, c.q. afwijkende hoeveelheid, dient u daaromtrent tijdig in overleg te treden met de eindredacteur. De illustraties dienen tijdig, dat wil zeggen, voor de gestelde deadline en tezamen met de kopij van het artikel bij de eindredacteur te worden ingeleverd.

b2. illustraties: kopij- en/of reproductierechten
Mogelijke kopij- en/of reproductierechten inzake de op te nemen illustraties, dan wel
toestemmingscondities voor plaatsing van de illustraties komen voor rekening en
aansprakelijkheid van u zelf, en dienen vóór publicatie door u geregeld te zijn. De
redactie acht zich ontheven van eventuele claims in dezen na publicatie.

c. beknopt c.v.
Gelieve aan het slot van het artikel een kort c.v. van uzelf te verstrekken (maximaal
vier regels): naam, voornaam (-en), titulatuur, adres, relevante funtcie(s) in heden en verleden, terrein van werkzaamheden c.q. onderzoek, etc.

d. tekstdrager: uitdraai en digitale versie
Van het artikel dient zowel een hard-copy (uitdraai) als een soft-copy (als e-mail attachment) bij voorkeur in het tekstverwerkingsprogramma Word te worden aangeleverd.

e. kopij tijdens het productieproces
De aldus ingeleverde kopij wordt door de redactie beschouwd als drukklaar, zodat u
geen drukproeven ter correctie ontvang. De inhoud is volledig voor rekening van u
zelf. De eindredacteur is bevoegd zonodig stilistische en/of grammaticale
verbeteringen en uniformeringen aan te brengen, zonder in de inhoud in te grijpen.

2. Bijzondere richtlijnen

2.1. hoofdtekst
1. gelieve de tekst zo ‘plat’ mogelijk aan te leveren: niet centreren, regels niet uitvullen
en geen automatische afbrekingen gebruiken;
2. de titel van het artikel weergeven in vet;
3. onder de titel de naam van de auteur (geen titulatuur; aangeven: voornaam voluit, dan
wel alleen initialen) – niet vet;
4. de tekst voorzien van ca. vier/vijf tussenkopjes: in vet-cursief;
5. nieuwe alinea aangeven door één tabsprong;
6. telwoorden (aantallen) tot en met twintig (20) weergeven in woorden (twaalf,
zeventien, etc); daarboven in cijfers (niet van toepassing op tabellen, grafieken e.d.)
7. citaten tussen enkele aanhalingstekens plaatsen: ‘……’: citaten binnen citaten tussen
dubbele aanhalingstekens: “……”; citaten die langer zijn dan drie hele regels dienen
zonder aanhalingstekens in een 10 pts. corpsgrootte weergegeven te worden, met
boven en onder één wit-regel gescheiden van de tekst;
8. gebruik zo min mogelijk afkortingen: woorden als bijv., ill. voluit schrijven als
bijvoorbeeld, illustratie(s); namen van instellingen e.d. dienen bij eerste vermelding
voluit weergegeven te worden, met tussen haakjes de verder in de tekst te bezigen afkorting: Algemene Doopsgezinde Sociëtiet (ADS), Mennonite Central Committee (MCC), etc.

2.2. eindnoten
1. de eindnootnummering dient geplaatst te worden achter een desbetreffende persoonsnaam, dan wel achter de punt (of ander afsluitend leesteken) van een regel.

2a. bij eerste vermelding van een aangehaald boek, tijdschriftartikel, woordenboeklemma
en/of andersoortige bron, dient de bibliografische informatie zo volledig mogelijk te
zijn: titels (en ondertitels) van boeken en tijdschriften weergeven in cursief; plaats en jaar van uitgave (plus eventueel aantal delen) plaatsen tussen haakjes, gevolgd door exacte pagina-opgave, zoals:

boek:
P. Visser, Broeders in de geest. De doopsgezinde bijdragen van Dierick en Jan Philipsz.
Schabaelje tot de Nederlandse stichtelijke literatuur in de zeventiende eeuw (Deventer, 1988, 2 dln.), I, 172-75.

tijdschriftartikel / bundelbijdrage:
S. Voolstra, ‘”Van ware penitentie”. De kern van Menno Simons’ theologie’, in: Doopsgezinde Bijdragen 12-13 (1986-1987), 258-59, n. 36-37.
A.F. de Jong, ‘De “Beteringe des levens”. Doperse perspectieven over heiliging en
rechtvaardigmaking’, in: A. Hoekema & S. Hof (red.), Illustere Dissenters. Aspecten van de positie der Nederlandse Lutheranen en Doopsgezinden (Zoetermeer / Woerden, [1996]), 160-62.

2b. gebruik geen afkortingen/aanduidingen als: p., pp., blz., evv, passim, ff., etc.;
gebruik de afkortingen: ed(s). voor editeur(s)/tekstbezorger(s); red. voor redacteur(- en) / redactie

gebruik de afkorting n. voor: (voet-/eindnoot);
gebruik de afkorting e.a. (en anderen) wanneer er meer dan twee samenstellers c.q
redacteuren van een boek of bundel zijn;

3a. bij volgende vermelding van een eerder aangehaald boek, tijdschriftartikel, etc., wordt volstaan met de naam van de auteur en een verkorte titel der desbetreffende publicatie:

boek:
Visser, Broeders in de geest II, 247-48.

tijdschriftartikel, etc.:
Voolstra, ‘”Van ware penitentie”’, 261-62.
De Jong, ‘De “Beteringe des levens”’, 167.

3b. bij volgende vermeldingen dus niet gebruik maken van aanduidingen als ‘idem’,
‘ibidem’, ‘als boven’, ‘a.w.’;

3c. bij volgende vermeldingen mogen wel algemeen gebruikelijke afkortingen gehanteerd worden voor bepaalde standaardwerken, tijdschriften, etc. De afkorting dient dan bij de eerste vermelding, direct na de titelbeschrijving, tussen haakjes te worden aangeduid als volgt:

The Mennonite Encyclopedia (ME)
Doopsgezinde Bijdragen (DB)
The Mennonite Quarterly Review (MQR);

bij meervoudig gebruik van bronvermeldingen geldt hetzelfde met betrekking tot de
namen van instellingen, bibliotheken, archieven e.d., zoals:

Eastern Mennonite University, Harrisonburg (EMU)
Universiteitsbibliotheek Amsterdam (UBA)
Nationaal Archief, Den Haag, Particuliere Collecties … (NAH, PC …).

2.3. bijschriften van illustraties
1. gelieve zo beknopt mogelijke, doch op de hoofdtekst aanvullende, informatieve
bijschriften aan te leveren;
2. sluit het bijschrift af met een correcte bron-/herkomstvermelding.